Het Goede of het Beste?

HET GOEDE OF HET BESTE?


Lukas 10:38-42

“Toen ze verder trokken ging hij een dorp in, waar hij gastvrij werd ontvangen door een vrouw die Marta heette. Haar zuster, Maria, ging aan de voeten van de Heer zitten en luisterde naar zijn woorden. Maar Marta werd echter in beslag genomen door het vele bedienen.  Nadat zij erbij was komen staan, zei zij: ‘Heer, kan het u niet schelen dat mijn zuster mij al het werk alleen laat doen? Zeg tegen haar dat ze mij moet helpen.’ De Heer zei tegen haar: ‘Marta, Marta, je bent zo bezorgd en je maakt je druk over veel dingen. Er is maar één ding noodzakelijk. Maria heeft het beste deel gekozen, en dat zal haar niet worden ontnomen.’”

Marta is goed bezig. Ze ontvangt haar gasten zoals het gebruikelijk is in de cultuur van die tijd. Ze zorgt voor eten en drinken en een plek om te rusten. Marta is dus goed bezig. Ze is ook druk bezig, want met Jezus komt er een hele groep mannen mee, die allemaal verzorgd willen worden. Maar ze gaat er voor en zorgt dat niemand tekort komt. Marta is duidelijk goed bezig.

Marta, zo staat er, bedient Jezus en de discipelen. Ze ‘diakent’, staat er in het Grieks. Ze is dus goed bezig, want diaconie is een belangrijk werk om te doen. Het was niet alleen zeer belangrijk in haar cultuur (gastvrijheid), maar staat ook hoog op de agenda van veel kerken en gemeenten. Vele kerken willen graag een gastvrije gemeente zijn, mensen van harte welkom heten in hun midden en een ‘warme gemeente’ voor hen zijn. En dat is goed.

Het staat hoog op de agenda van Jezus zelf. Hij maakt zijn discipelen duidelijk dat wie de belangrijkste wil zijn, zijn broeder moeten ‘diakenen’. Zelf is Jezus niet gekomen om ‘gediakent’ te worden, maar om een ‘diaken’ te zijn en Zijn leven te geven tot in de dood. Diakenen, dienen, is dus erg belangrijk en goed.

Kortom, Marta is echt goed bezig. Ze volgt het voorbeeld van Jezus en doet geheel wat van haar verwacht wordt door haar gasten. Toch krijgt ze van Jezus een kleine reprimande, een stukje kritiek op haar goede bezig zijn. Maar waarom is dat? Waarom wordt haar ‘diakonie’, nota bene voor Jezus zelf, niet door Hem erkend? En waarom krijgt Maria, die luie donder die geen vinger uitsteekt om haar zus te helpen, een belonend klopje op haar schouder?

Jezus wil iets duidelijk maken, voor haar en voor ons. Marta was op zich wel goed bezig door Jezus te dienen, maar Maria was beter bezig door te luisteren naar Jezus. Marta was druk bezig met vele dingen, Maria was druk bezig met dat éne ding, het beste ding: aandachtig luisteren naar de woorden van Jezus. Het dienen van Marta had waarde, voor zover het dienen duurde. Het luisteren van Maria had eeuwigheids- waarde, omdat Gods Woord eeuwig van waarde blijft. Dienen is goed, eerst luisteren is beter, aandachtig luisteren naar Jezus is het beste.

Het gaat om het éne ding van Maria versus de vele dingen van Marta. Marta maakte zich druk en bezorgd om alle dingen die gedaan moesten worden. Maria maakte zich druk, zogezegd, om de woorden van Jezus goed te verstaan. Daarom zat ze zo dicht mogelijk bij Hem, aan Zijn voeten.

Hoe druk zijn wij bezig met al onze kerkactiviteiten? Hoe veel dingen vragen om onze aandacht? Zijn wij gericht op het ene, het luisteren naar wat de Heilige Geest ons duidelijk probeert te maken, of hebben wij zelf al ons programma in elkaar gestoomd en staan wij te trappelen om aan de slag te gaan? Als wij los raken van het éne ding wat belangrijk is, zullen wij worden opgeslokt door de vele dingen die onze aandacht vragen.

Dat éne ding vindt zijn wortels in een Bijbelse belofte van Jezus zelf. Het is de diepe overtuiging dat Jezus zélf Zijn gemeente wil en zal bouwen. Waar die belofte serieus wordt genomen, komt er ontspanning: we hoeven het zelf niet te proberen, het is niet onze eigen verantwoordelijkheid. Vanuit die belofte ontstaat een leven van gebed, van luisteren en zoeken naar de woorden van Jezus, van het vertrouwen op de leiding van de Heilige Geest.

Door te bidden, vasten en te luisteren naar de Heilige Geest, volgt de roeping van de gemeente, de specifieke roeping voor elke specifieke gemeente. En roeping geeft rust en perspectief, geeft duidelijkheid, geeft gronding van de gemeente in wat de Heer wil uitwerken in zijn gemeente. Dit vraagt dus wel dat ons gebed omgevormd wordt. Niet meer druk bezig en bezorgd zijn om onze dingen en onze activiteiten onder Gods aandacht te brengen, maar eerst aandachtig luisteren naar wat Hij onder onze aandacht wil brengen. Luisterend, verwachtingsvol bidden dus.

Het vraagt daarmee dus ook om de ontwikkeling van een geestelijke antenne voor het spreken van God. Het verhaal van Samuel is daarin een goed voorbeeld. Drie keer werd hij geroepen, twee keer liep hij naar de verkeerde persoon. Pas nadat hij te horen kreeg dat het God zelf was die hem riep, legde hij zijn oor te luisteren bij de God die Hem geroepen had voor een specifieke taak.

We hebben elkaar nodig om verder te komen in gebed, om te leren luisteren naar de woorden van de Heilige Geest. Maar de gemeente die aandachtig en eendrachtig zijn oor opent voor de Heilige Geest, zal groeien in onderscheid en inzicht in wat de Heilige Geest wil doen in die gemeente. En zo ontstaat er vervolgens eenheid en verbondenheid, met de zegen van God als logische gevolg.

Wie gaat de uitdaging aan?  Wie doet er mee?  Van harte welkom!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *


*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>